Echo
De praktijk beschikt over een eigen echo-apparaat. Er zijn verschillende redenen om echo´s te maken. Wat de verschillende echo's inhouden leest u hieronder.
De echo's worden gemaakt tijdens een apart echospreekuur. Deze echospreekuren zijn op wisselende dagen en tijdstippen.
Termijnecho
In principe krijgt elke zwangere een termijnecho. De echo wordt meestal bij een zwangerschapsduur van 10 tot 12 weken gemaakt. In principe wordt de echo via de buik gemaakt. Het kan zijn dat de foetus op deze manier niet goed te beoordelen is. We maken dan een inwendige echo. Tijdens deze echo wordt allereerst bekeken of het hartje van het kindje (de foetus) klopt. Daarnaast wordt opgemeten hoe groot de foetus is.
Aan de hand van de grootte van de foetus kan vastgesteld worden hoe oud de foetus ongeveer is. Zo kan gecontroleerd worden of de op basis van de eerste dag van de menstruatie vastgestelde uitgerekende datum klopt. Zo nodig wordt de uitgerekende datum aangepast.
Een nekplooimeting wordt tijdens deze echo niet gedaan. Wel kan het voorkomen dat er afwijkingen aan de foetus worden gezien. De echoscopiste zal u van deze afwijkingen op de hoogte stellen. Mocht u niet op de hoogte gebracht willen worden van afwijkingen aan de foetus dan vragen wij u dat aan het begin van het onderzoek aan de echoscopiste mede te delen.
|
 |
20 Weken echo
Iedere zwangere vrouw zal een 20 weken echo aangeboden krijgen. Deze echo is bedoeld om eventuele aangeboren afwijkingen op te sporen. Onder het kopje
Prenataal Onderzoek vindt u meer informatie over de inhoud van deze echo. Wij raden u aan deze informatie te lezen om een goede afweging te kunnen maken of u wel of niet een 20 weken echo wilt laten maken. Het is namelijk niet verplicht deze echo te laten maken.
Groei echo
Om verschillende redenen kan het nodig zijn om in de zwangerschap met een echo naar de grootte of groei van de baby te kijken. Tijdens deze echo wordt naast de grootte of groei van de baby ook naar de hoeveelheid vruchtwater en de ligging van de baby gekeken.
Echo placentalokalisatie
Soms wordt bij de 20 weken echo vastgesteld dat de placenta (moederkoek) over of vlakbij de baarmoedermond ligt. Bij een zwangerschapsduur van ongeveer 32 weken zal dan nogmaals de positie van de placenta ten opzichte van de baarmoedermond bekeken worden. Daarvoor kan een inwendige echo nodig zijn. Er wordt ook gekeken naar de grootte van de baby, de hoeveelheid vruchtwater en de ligging van de baby.
Liggingsecho
Wanneer bij een zwangerschapsduur van 34 tot 36 weken (of daarna) twijfel bestaat over de ligging van de baby zal er een echo worden gemaakt om de ligging vast te stellen. De echoscopiste bekijkt tijdens deze echo naast de ligging van de baby ook hoeveel vruchtwater er is, waar de placenta (moederkoek) ligt en of de grootte van de baby normaal is.